
De nachttrein: verdwenen omdat vliegen goedkoper was, terug om dezelfde reden
In 2016 nam een Oostenrijkse spoorwegmaatschappij de nachttreinen over die anderen hadden afgestoten. Die keuze bleek het begin van een terugkeer.
Er was een periode waarin de nachttrein in Europa aan het uitsterven was. Verbindingen werden geschrapt, rijtuigen afgevoerd, en de logica leek onweerlegbaar: wie wil er nu twaalf uur onderweg zijn als hetzelfde traject in anderhalf uur kan.
Die redenering klopte zolang je alleen naar reistijd en ticketprijs keek.
Wat er in 2016 gebeurde
Op 11 december 2016 reed de eerste Nightjet. Dat is de merknaam die de Oostenrijkse Federale Spoorwegen aan hun nachttreinen gaven, als opvolger van City Night Line.
Het bijzondere is niet de naam maar de richting. Waar andere maatschappijen hun nachtdiensten afbouwden, nam de Oostenrijkse er juist materieel en verbindingen van over. Dat was op dat moment een weddenschap tegen de trend.
Inmiddels rijden er partners mee onder het label Nightjet Partner, onder meer in Tsjechië, Slowakije en Slovenië. Het is daarmee geen nationale dienst meer maar een netwerk.
Wat je kunt boeken
De treinen bieden drie niveaus, en dat verschil is groter dan buitenstaanders denken.
Er zijn slaaprijtuigen met echte bedden, couchetterijtuigen met eenvoudiger slaapplaatsen in een gedeeld compartiment, en gewone zitrijtuigen. Dat maakt van dezelfde trein zowel een hotelkamer als een goedkope oversteek, afhankelijk van wat je boekt.
Op bepaalde verbindingen binnen Oostenrijk en op de seizoensdienst naar Kroatië kunnen bovendien auto's mee. Dat is een restant van een ouder idee, de autoslaaptrein, dat lang als achterhaald gold.
Waarom de rekensom is veranderd
De nachttrein verdween toen vliegen goedkoop werd. Hij komt terug nu de kosten van vliegen anders worden geteld.
Daar komt een praktisch argument bij dat los staat van klimaat. Een nachttrein levert geen reistijd in maar wisselt hem in. De uren die je erin zit, zou je toch slapend hebben doorgebracht, en je komt aan in het centrum van een stad in plaats van op een vliegveld erbuiten.
Tel daar de tijd bij op die vliegen kost buiten de vlucht zelf, de reis naar het vliegveld, het inchecken, het wachten, en het verschil wordt kleiner dan de dienstregeling suggereert.
Waarom het toch lastig blijft
Eerlijk is eerlijk: een nachttrein is duur om te rijden. Een slaaprijtuig vervoert veel minder mensen per wagon dan een zitrijtuig, het materieel staat overdag stil, en het personeel werkt 's nachts.
Daarbij komt dat een trein die door meerdere landen rijdt, met evenzoveel spoorbeheerders, seinsystemen en regels te maken heeft. Dat een Oostenrijkse maatschappij dit is gaan doen met partners in de buurlanden, is dus niet alleen commercieel maar ook organisatorisch de kern van het verhaal.
Wat de terugkeer van de nachttrein laat zien, is dat een vervoersvorm niet verdwijnt omdat hij slecht is, maar omdat de omstandigheden waarin hij werd afgerekend veranderen. En dat ze net zo goed weer terug kunnen veranderen.